Stel je bent bezig met het schrijven van een autobiografie. Mag je dan over je ouders, de buurman, je huurbaas, collega’s, of je kinderen vertellen? Ja, want je hebt van niemand toestemming nodig om je ervaringen op papier te zetten.

Mensen vinden het doorgaans prima als je ze de hemel inprijst. Bij kritiek ligt dat natuurlijk anders. De persoon die zichzelf in een boek herkent kan dit als onaangenaam ervaren, zeker als de minder leuke kanten worden belicht. Men meent dan al snel dat heel de wereld hiervan op de hoogte is en dat de reputatie wordt geschaad. Dan is het niet uitgesloten dat je een dagvaarding ontvangt en je de inhoud van je boek voor de rechter moet verdedigen. Advocaten zetten steeds vaker journalisten en auteurs onder druk en dreigen met juridische stappen. Dan is het belangrijk om dicht bij jezelf te blijven, want jij hebt wel degelijk rechten.  

Rijksoverheid: ‘Vrijheid van meningsuiting is een voorwaarde voor een goed functionerende democratie en een vrije samenleving. Personen in het algemeen, en met name journalisten, moeten zich vrij kunnen uiten, zowel online als offline. Maar vrijheid van meningsuiting wordt wereldwijd bedreigd. Journalisten spelen een belangrijke rol als onafhankelijke bron van informatie en als waakhond. Zij moeten hun werk onafhankelijk en in vrijheid kunnen uitoefenen.’ 

In november 2026 is er een rechtszaak over een hoofdstuk in een van mijn boeken. Het gaat om een korte weergave over een kennismakingsgesprek met de nieuwe buurman. Hij, Sjakie, koopt het benedenpand van het huis waar ik woon en wil er drie appartementen realiseren. In mijn boek: ‘Wild West Vlissingen’, noem ik hem bij zijn voornaam, met de opmerking dat ik hem aardig en ook wat naïef vind. Dat is een mening. Hij is hier echter zeer verbolgen over, omdat hij dit als reputatieschade ziet. Ondanks dat ik niets over zijn afkomst, woonadres of leeftijd schrijf, word ik beschuldigd van het verzamelen van persoonsgegevens, (AVG).

Daarnaast zou het boek onrechtmatig zijn. Zijn advocaat, Guus, belaagt niet alleen mij, maar ook de lokale winkeliers en schrijft het hoofdkantoor van Bruna.nl en Bol.com aan. De winkeliers schrikken zich kapot en halen het boek uit de handel. Ook de grote bedrijven zetten de verkoop klakkeloos stil, zonder een telefoontje of een vraag naar de uitgeverij.

Het eerste wat ik doe is praten met de winkeliers. Ik leg uit dat deze advocaat dit helemaal niet zo mag doen. Er is nog niet eens een dagvaarding, laat staan een uitspraak van de rechter. Elke gek kan wel roepen dat iets hem niet bevalt in een boek, dat zegt niets zonder een vonnis. Wat doe je dan als auteur? Ik dien een klacht in bij de Orde van Advocaten. Ik vind dit scrupeloos handelen, een schande voor het respectabele ambt van de advocatuur, met als enig doel om te scoren, om te intimideren en om de verkoop van het boek opzettelijk te boycotten. Het tuchtcollege heeft mijn klacht ‘kennelijk ongegrond’ verklaard. Toch is mijn klacht niet zinloos. Je hoeft niet maar alles te accepteren. Er wordt al snel geroepen dat iets onrechtmatig is, maar het is nog altijd aan de rechter om dit te bepalen.

Ik verander de titel van het boek. Via de uitgeverij komt er een nieuw ISBN nummer. De voornaam, waar het om te doen is, pas ik tot drie keer toe aan. In feite heb ik hiermee al aan alle sommaties voldaan, maar deze advocaat weet – namens zijn client- maar niet van ophouden. Het lijkt wel een hetze. Hij brengt zelfs persoonlijke bezoekjes aan de winkeliers in Vlissingen en speurt de schappen af of er nog ergens een exemplaar te vinden is. Dit wordt als zeer onaangenaam en intimiderend ervaren.

De rechtszaak zou eigenlijk in juli plaatsvinden, maar is verschoven naar november. Het gaat over een boek dat in feite niet eens meer bestaat. De herziene uitgave is herschreven en verschilt daarmee van het origineel. Ondertussen maak ik van alles mee met buurman Sjakie en zijn advocaat Guus. Ik laat me niet imponeren, censureren, of de mond snoeren en schrijf verder over wat er zoal plaatsvindt. Bij Martien moet je ook niet aankomen met dergelijke flauwekul. Uitgeverij de Vrijheid is juist bedoelt zodat iedereen zijn verhaal mag vertellen. Of het om fictie of non-fictie gaat; zolang het niet vanuit AI is geschreven, is jouw boek welkom.

Wat is vrijheid van meningsuiting?

De vraag is niet of je een mening mag hebben. Dat mag je. De vraag is of jouw uiting binnen de grenzen blijft die het recht aan deze vrijheid stelt. Vrijheid van meningsuiting is het recht om te uiten wat je denkt en vindt, zonder dat de overheid daar vooraf toestemming voor geeft. In Nederland staat dat in artikel 7 van de Grondwet. Dit artikel verbiedt censuur vooraf. In de praktijk toetst de rechter vooral aan artikel 10 EVRM. Dat beschermt ook de uiting die kwetst, choqueert of verontrust. Beperken mag alleen als dit bij wet is voorzien en noodzakelijk is in een democratische samenleving.

Toch is het goed om af en toe voorzichtig zijn. Je mag een mening hebben, maar het is niet de bedoeling dat je opzettelijk smaad of laster verspreidt. Artikel 261 Sr stelt dat: ‘het strafbaar is als je iemands eer of goede naam opzettelijk aantast door hem een bepaald feit ten laste te leggen, met het doel daaraan ruchtbaarheid te geven.’ Een ervaring beschrijven vanuit oprechtheid, om de lezer deelgenoot te maken van wat jij te verduren hebt gehad, is iets anders dan opzettelijk onwaarheden en leugens te verkondigen om een persoon in een kwaad daglicht te plaatsen. Als ik niet veel positiefs over iemand te melden heb, fingeer ik de naam en onthoud ik me van het beschrijven van specifieke details, zoals het uiterlijk. Het gaat dan niet zozeer om het personage, maar om het verhaal. Daarnaast kan ik desnoods alles waar ik over schrijf bewijzen. Daarom ben ik niet bang voor sommaties, een dagvaarding of een zitting. Mijn motto is: ik lieg nooit.

In plaats van te zeggen dat iemand een rotzak is, is het beter om dit als een mening te omschrijven. Volgens mij is het een rotzak. Nog beter is om het oordeel zoveel mogelijk aan de lezer over laten. Als je als kind door de juf bent mishandeld, dan hoef je er niet bij te vertellen dat het om een gestoorde gek gaat. Daarnaast is het goed om ook wat positieve kanten te benoemen, zelfs als dit voor jou zoeken is. ‘De juf kon heel boeiend vertellen, maar als ze tussen de tafeltjes liep, drukte ze haar knokkel hard op mijn hoofd. Niemand die het zag of merkte.’ Zo komt de lezer zelf tot de conclusie dat het om een liefdeloos persoon gaat.

In mijn nieuwe boek: ‘Ik wil dat er Licht is’, vertel ik over wat ik meemaak, maar hier en daar spreek ik ook mijn waardering uit over de personages, zoals: ‘Fantasie heeft deze man wel, dat moet ik hem nageven.’ Of: ‘Ik blijf nog steeds het goede in hem zien, ongeacht wat hij doet.’ Kritiek is prima, als je het kunt onderbouwen met feiten of een mening zodanig formuleert dat je de lezer kunt meenemen in jouw redenatie. Beledigen is echter nergens voor nodig. Onthoud je ook van ordinaire taal en scheldwoorden. Ben creatief, wat betekent dat je juist ruimte geeft aan het inlevingsvermogen van de lezer, door expliciet taalgebruik achterwege te laten. Als het om vrijheid van meningsuiting gaat, spelen de meeste zaken niet in het strafrecht maar civielrechtelijk. De wederpartij stelt dat je uiting onrechtmatig is, artikel 6.162 BW, en vordert verwijdering, rectificatie, een publicatieverbod of schadevergoeding. Een publicatie die hard aankomt is nog lang geen onrechtmatige publicatie. Dan gaat het ook over het algemeen belang.

Algemeen belang
Het algemeen belang is het zichtbaar maken van een situatie die zich in de maatschappij afspeelt. Dit is echter een heel ruim begrip. Als ik over een havenstad als Vlissingen schrijf, doe ik dit voor het algemeen belang en om inzichtelijk te maken wat de mentaliteit is in deze regio. Dan kijk ik voorbij het toerisme en benoem ik alle facetten, zowel de ontmoetingen met de rijken als met de daklozen. Dan schrijf ik ook over de huurbaas, de buurman, de gemeente, de instanties, de toevallige ontmoetingen, de vele gesprekken, de events, eigenlijk alles. Dat niet iedereen blij is met wat ik te melden heb, is dan maar zo. Een schrijver die alleen maar vanuit een roze wolkje wil plezieren of uitsluitend over het positieve bericht, is ongeloofwaardig en saai. Zo zit de wereld niet in elkaar en ik al helemaal niet.

Uitgeverij de Vrijheid staat voor vrije expressie, inspiratie en bovenal je waarheid durven spreken. Dit is het hoogste goed in een democratie; de vrijheid van meningsuiting. Een mening wil niet zeggen dat het zó is. Jij mag iets vinden. Niet iedereen hoeft het daarmee eens te zijn. Als je een mening als feit presenteert- zo is het en niet anders- dan begeef je je in de gevarenzone, waar je opeens gesommeerd kunt worden voor van alles en nog wat.

Beschrijf wat je meemaakt, het liefst met zo min mogelijk oordeel. Laat de lezer tussen de regels lezen, in plaats van dat jij alles voorkauwt. Probeer in het wrede personage ook iets van het goede te zien. De dader heeft een geschiedenis. Waarom doen mensen wat ze doen? Het liefdeloze komt altijd vanuit pijn. Verdiep je in de achtergronden, zonder iemand te beschadigen omdat jij geleden hebt. Besluit jouw boek met dat wat je hebt geleerd van je ervaringen. Breng het tot een synthese, waardoor de lezer iets leert van wat jij hebt meegemaakt.

Je kunt niet alleen een verhaal vertellen vanuit het slachtofferschap. Probeer je te verplaatsen in de ander. Dat maakt jouw boek zoveel interessanter dan alleen maar beschuldigen. En vergeet nooit om vanuit compassie en mededogen te schrijven. Een boek dat vanuit het hart komt heeft een veel groter bereik. Jouw lijdensweg kan de diamant zijn voor een ander. Het mooiste boek is als je vanuit liefde eerlijk en oprecht vertelt over jouw pad met de bijbehorende levenslessen én met begrip voor ieders standpunt.

Uitgeverij de Vrijheid is er voor jou.

Wil je meer weten over mijn ervaringen?
Lees het boek: ‘Ik wil dat er Licht is’.
 

Lilian Ferru

Ben je bezig met een boek en is er twijfel over waar de grens ligt?
Wij kijken met je mee. www.uitgeverijdevrijheid.nl